Hoe het begon…

Toen er op mijn negende diabetes bij mij werd gediagnosticeerd is mijn leven totaal veranderd. Ik besloot het zelf te gaan doen, niemand zal meer last van mij hebben.

Ik ben opgegroeid in een liefdevol gezin, vader, moeder en een broer en broertje. Toch was dit best turbulent want allebei mijn broers hebben ADHD, voor mijn ouders een pittige opgave. Als enige dochter schipperde ik hier een beetje tussendoor en probeerde mijn plek in het gezin te vinden.

Een hele tijd is dit goed gegaan maar toen was er een periode in mijn leven waarin veel is gebeurd. In ongeveer 3 maanden tijd zag mijn leven er totaal anders uit, ons huis in mijn veilige buurtje werd verkocht en moesten we verhuizen naar een ander dorp, maar in diezelfde tijd belande ik anderhalve week in het ziekenhuis. Al en lange tijd at ik bijna niks, dronk ik heOLYMPUS DIGITAL CAMERAel veel en moest ik wel 7x per nacht naar de wc. Bij de huisarts was al heel snel duidelijk dat het diabetes was en nog geen uur later was ik in het ziekenhuis. Ik moest insuline gaan spuiten, mijn eten wegen en koolhydraten gaan tellen, ik kon niet zomaar meer naar een feestje of samen met mijn vriendinnetjes naar het zwembad. Ik verloor de vrijheid die ik als 9-jarig meisje had. Maar wat ik misschien nog wel het moeilijkste vond was dat ik niet langer Hanneke meer was, maar het meisje met diabetes. Ik verloor mijn identiteit. Op mijn nieuwe school was ik interessant omdat er grote blauwe doos in de klas stond waar ik elke pauze mijn spuitspullen uithaalde. Ik was niet meer interessant om wie ik was. Ik kon lastig aansluiting vinden met mijn klasgenootjes omdat ik door de verhuizing bindingsangst had (wat achteraf gezien al het begin was voor mijn sociale-angststoornis)

De grootste beslissing die ik in die tijd heb gemaakt was dat niemand last van mij zou hebben, ik zag dat mijn ouders het heel zwaar hadden, ze liepen op hun tenen om het gezin en de verhuizing draaiende te houden. Vanaf die dag zal ik mijn problemen zelf op gaan lossen, ik heb zelf om leren gaan met mijn diabetes, praatte niet meer over mijn gevoel en kon dit op den duur ook niet meer uiten. Ik ging mij aanpassen aan iedereen om ervoor te zorgen dat ik zo min mogelijk problemen veroorzaakte. Op den duur wist ik niet meer wie ik was en wat ik nou wilde.

Vanaf de middelbare school is het snel bergafwaarts gegaan, ik keerde steeds meer in mijzelf. Mijn vriendin van de basisschool verhuisde waardoor mijn bindingsangst nog een tik na kreeg. Ik voelde mij alleen, kon in het begin geen nieuwe vriendschappen sluiten en toen dit eenmaal was gelukt zijn ze mij gaan pesten en werd ik buitengesloten. Dit was de druppel die de emmer deed overlopen, ik had geen zelfvertrouwen meer en dacht dat het allemaal mijn eigen schuld was. Ik was toch dik, lelijk en irritant!! Het eten begon een vlucht te worden, alleen had ik dit op dit moment nog niet in de gaten ik dacht dat het er gewoon bij hoorde. Zodra ik alleen was had ik eetbuien, even ontspannen niks voelen of soms ontladen. Ik voelde me veilig en minder alleen als ik at.

Op mijn 15e ben ik opnieuw opgenomen geweest in het ziekenhuis, mijn suikerwaarden waren niet meer te reguleren, voor mijn gevoel. Voor mijn gevoel, want mijn doctoren zeiden dat het best meeviel. Maar dat vond ik niet, want ik was een perfectionist. Het was nooit genoeg, het moest beter, ik moest beter mijn best doen en ik moest mij niet zo aanstellen. Niemand laat zich voor de lol opnemen in het ziekenhuis, ik was op mijn lichaam was op. Na met mijn doctor te hebben gesproken werd ik opgenomen, maar op voorwaarde dat ik met een psycholoog zou gaan praten. En dit gebeurde, in de anderhalve week dat ik in het ziekenhuis was heb ik elke dag een afspraak gehad en begon in te zien dat het niet goed met mij ging. Niet dat ik veel praatte want ik had geen idee hoe dat moest. Vanaf dat moment was ik elke week te vinden op de medische psychologie.

Intussen zat ik op een andere middelbare school waar ik een eind voor moest fietsen. Op deze manier kon ik de eetbuien compenseren, waardoor ik niet aankwam. Toch ging mijn lichaam mij meer en meer in de weg zitten en van de ene op de andere dag begon ik te braken, alles wat ik at moest eruit! Ik kon het volle gevoel van eten niet meer verdragen, ik zal al zo vol met emoties dat ik dit er niet meer bij kon hebben. Braken werd mijn manier om alle verdriet, boosheid en eenzaamheid er letterlijk uit te gooien. Intussen was er een ernstige depressie bij mij vastgesteld maar durfde ik geen openheid te geven over mijn eetproblemen. Ik kreeg weer vertrouwen in mensen en durfde mij open te stellen naar mijn psycholoog, tot het moment dat hij weg ging. Ik kon het vertrouwen weer van voor af aan gaan opbouwen, want in mijn hoofd hoorde ik alleen maar “Als je praat over je problemen laten mensen je in de steek”. Ik glee verder en verder af, ik begon aan een nieuw traject op de medische psychologie maar ik trok het niet meer. Ik ging naar school haalde mijn havo-examen, maar daarna was mijn kracht op. Aan mijn moeder heb ik verteld dat ik problemen had met eten en samen zijn wij naar mijn psycholoog gegaan en vanaf dat moment is mijn proces voor het herstel van mijn eetstoornis in werking gegaan.

In een latere blog zal ik hier wat meer over vertellen, ik denk dat het voor nu even genoeg is geweest.

liefs, Hanneke

Advertenties

Mijn Verhaal

Al zover terug als ik me kan herinneren had ik een vreemde relatie met eten. Ik at veel of juist weinig en er waren van jongs af aan producten die ik niet wilde eten, zoals pasta en sommige broodsoorten. Waar dat door kwam, weet ik niet. Ik was gewoon uit balans op dit vlak en stond er verder niet bij stil. Toen ik in de pubertijd terecht kwam, verergerde dit echter. Ik was wat vroeger ontwikkeld dan mijn klasgenoten en had hierdoor sneller heupen en borsten, terwijl anderen van mijn leeftijd nog een kinderlijk lichaam hadden. Ik was daarbij ook wat forser gebouwd op die leeftijd en al snel werd ik daarmee gepest. Achteraf gezien was ik helemaal niet echt dik. Ik was gewoon vors, maar het was mijn zwakke plek. Toen pestkoppen dat merkten, werd dat natuurlijk waar ik mee gepakt kon worden. Ik had al het gevoel dat mijn lichaam te groot werd door de pubertijd, het pesten zorgde ervoor dat ik nog meer een hekel kreeg aan mijn lijf.

Een manier van mij om controle te krijgen over mijn lichaam en gevoelens was door lijsten te maken van voedsel dat ik niet meer wilde eten en maaltijden over te slaan. Ik merkte dat dit mij een goed gevoel gaf, alsof ik daarmee iets overwon. Ik begon eten op school over te slaan en ik merkte dat mensen daarop reageerden. Er werd me gevraagd of ik wel at en of alles wel ok was. Die aandacht gaf me ook een goed gevoel, dus at ik helemaal niet meer op school. Maar hierdoor had ik als ik thuiskwam juist vreselijke honger en kreeg ik last van eetbuien. Na afloop voelde ik me vreselijk en kon ik er niet mee omgaan dat ik al dat voedsel in me had. Het moest eruit alleen overgeven bleek niet zo makkelijk. Het is immers niet natuurlijk om dat te doen als je niet ziek bent. Ik bleef maar proberen uit te vogelen hoe me het zou lukken en na een keer wanhopig lang boven de toiletpot hangen, lukte het ineens. Ik had een manier gevonden om over te geven en ik voelde me euforisch. Ik kon nu alles eten wat ik wilde en het er daarna uitgooien.

De eerste paar dagen vond ik het geweldig. Ik kon alles eten dat op de verboden lijst stond en het er daarna uitgooien. Ik at al die dingen achter elkaar in grote eetbuien. Maar na een paar dagen eten en overgeven, was de lol eraf. Het plezier maakte langzaam maar zeker plaats voor over moeten geven. Elke maaltijd moest er van mij uit en ik werd er heel slim in om dat te doen. Na het ontbijt ging ik mijn tanden poetsen en gaf ik over. Daarna ging ik naar school waar ik niet at. Ik wilde namelijk voorkomen over te geven in publieke ruimtes waar mensen me zouden kunnen horen. Maar na school ging ik meteen naar huis om een eetbui te hebben. Die plande ik de hele dag en terugweg naar huis. ‘s Avonds vroeg ik mijn ouders steeds vaker of ik op mijn kamer mocht eten. Daarna gaf ik die maaltijd ook over. Op school kreeg ik complimenten maar ik zag in de spiegel geen verschil. Terwijl de weegschaal aangaf dat ik lichter was en ik kledingmaten kleiner moest kopen. Toch zag ik in de spiegel nog steeds iemand die te dik was. Het maakte me erg ongelukkig. Ik had gedacht hiermee de sleutel te hebben gevonden om me goed te voelen. Maar ik voelde me nu altijd misselijk en duizelig. En de manier waarop ik mezelf zag, was niks veranderd. Daarbij viel ik van tijd tot tijd zelfs flauw, waardoor ik besefte dat mijn lijf het niet meer aankon. Er moest iets veranderen maar ik wist zelf niet hoe ik dit aan moest pakken.

Uiteindelijk heb ik de moed bij elkaar geraapt om het aan mijn moeder te vertellen. Ik was van tevoren heel bang voor haar reactie. Ik dacht dat ze boos en teleurgesteld zou zijn en daar hikte ik tegenop. Maar mijn moeder reageerde juist heel bezorgd. Ze had al langere tijd door dat er iets mis was, maar kon haar vinger er niet opleggen. Toen ik haar huilend vertelde problemen te hebben met eten, vielen in een klap de puzzelstukjes voor haar op de plek. “Je geeft over he,” zei ze tegen me en ik bevestigde dat. De volgende dag maakte mijn moeder meteen een afspraak bij de huisarts. Ook al had ik mijn moeder om hulp gevraagd, vond ik een stap zetten als deze heel moeilijk. Mijn moeder moest het woord voeren, ik zei helemaal niks. Aan het einde van het gesprek werd door de dokter samengevat wat er aan de hand was met me. “Je hebt boulimia nervosa,” zei hij. “Ik ga je doorsturen voor psychologische hulp en een opname.” Voor mij was dat een enorme klap. Ten eerste dacht ik niet boulimia te hebben. Daar had ik wel eens over gelezen of in series op tv gezien. Maar dat waren altijd van die dunne meisjes die helemaal in de war waren. Zo zag ik mezelf niet qua uiterlijk of innerlijk. Daarnaast had ik nooit verwacht ooit naar een psychiater te moeten. Daarvoor moest je wel goed gek zijn, dacht ik. Nu kreeg ik allemaal labels die me heel bang maakten. Na het gesprek moest ik wachten op een plek in een kliniek. Dat waren moeilijke dagen, want mijn ouders letten nu heel erg op mijn eetgedrag. Ik mocht na het eten niet meteen naar mijn kamer en ongemerkt naar de wc gaan, lukte niet. Maar ik was zo wanhopig om het eten eruit te blijven gooien, dat ik heel creatief werd in manieren om dit toch voor elkaar te krijgen. Ik gaf in mijn kamer bijvoorbeeld over in een vuilniszak of ging naar buiten om daar in de bosjes over te geven. Dat voelde wel als dieptepunten, maar de drang en paniek om het eruit te gooien was enorm. Na een gesprek waarin de haast nog een naar voren kwam, kwam het telefoontje dat er een plek was in een kliniek en ik de volgende dag zou kunnen komen. Ik had er geen zin in, maar wist dat ik het een kans moest geven als ik ooit van de eetproblemen af wilde komen.

Toen ik aankwam bij de kliniek was het net tijd voor het dagelijkse tussendoortje. Ik moest een appel en een mandarijn eten en ik kon dat gewoon niet. Ik zat aan die tafel met allemaal andere meiden en kon alleen maar huilen. Het liefst wilde ik naar huis, maar ik wist dat ik door moest zetten. In de weken die volgden, leerde ik langzaam omgaan met gevoelens die ten grondslag lagen aan mijn eetstoornis. Zo besefte ik dat controle en aandacht redenen waren. Na een paar weken mocht ik weer naar huis en leek alles beter te gaan. Maar ondanks gesprekken bij een psycholoog, viel ik toch weer terug in mijn oude eetgedrag. Dan moest ik weer terug voor een opname en begon het weer van voor af aan. Een jaar lang ging ik zo telkens de kliniek in en uit. Aan het einde van dat jaar liep ik achter met school en moest ik mijn stage uitstellen. Het was alsof ik daarmee ineens eindelijk besefte hoe ziek ik eigenlijk was. Hoewel ik altijd had weggewimpeld dat ik inderdaad boulimia had, werd me duidelijk dat ik deze ziekte wel degelijk had. Daarbij zag ik hoe wanhopig mijn moeder was toen bleek dat ik voor de zoveelste keer was teruggevallen. Al deze dingen samen zorgden ervoor dat een knop vanbinnen werd omgezet. Ik liet me weer opnemen maar dit keer was ik vastbesloten om beter te worden. Ik heb keihard aan mezelf gewerkt en toen ik naar huis mocht, ben ik therapie blijven volgen. Dat de knop omging, betekende niet dat ik meteen beter werd. Ik moest er keihard aan werken en het ging nog steeds met vallen en opstaan. Maar na elke terugval was ik vastbesloten om snel weer op te krabbelen. Ik wilde beter worden.

Ik blijf bewust van valkuilen die er zijn en waar ik op moet letten. Eerlijkheid is daarin belangrijk. Als het niet goed gaat, geef ik dat toe. Een eetstoornis zorgt dat je juist heel afgezonderd leeft, door open te zijn is de kans op terugval minder. En als ik een terugval heb, blijf ik er niet in hangen. Zo waren de feestdagen voor mij erg moeilijk en begon ik over de loop van december allemaal eten weer uit mijn dieet te bannen, in plaats van me te houden aan het voedingsvoorschrift van de kliniek. Na de feestdagen besefte ik waar ik mee bezig was en kon ik ermee ophouden. Ik denk dat het altijd moeilijk blijft, een zwakke plek die niet weggaat. Want soms mis ik het ook. Het gevoel van eten en overgeven geeft een soort high, vandaar dat het zo verslavend is. Maar ik weet ook hoeveel ik daarmee kwijt raak. Ik heb nu tijd en energie voor school, vrienden en familie. Eerder draaide alles om de boulimia. Hoe lang het duurt voor je echt genezen bent, weet ik niet. Maar ik weet wel dat ik op de goede weg ben en al een groot deel overwonnen heb. En ik ben vastbesloten om op die goede weg te blijven.

Liefs Eva

“Het gaat een stuk beter met me sinds het oké is als het even niet goed gaat”

Sporten tijdens mijn herstel

Voor heel veel mensen is sporten een obsessie. Niet alleen voor mensen met een eetstoornis, maar ook (zoals wij het binnen therapie noemen) de ‘normale’ mensen. Voor het maken van een zogenaamd perfect lichaam: conditietraining, afvallen, spieren kweken en vast nog wel meer manieren. In deze blog vertel ik hoe de social media er bij mij invloed ophad en hoe ik dat toen deed en nu doe.

Sporten was voor mij een uitlaatklep. Ik deed het met liefde.

Ik fietste elke dag van huis naar school. Dat was ongeveer 8 kilometer. Ook nog 1x per week paardrijden op de zaterdagochtend. Dat was/is mijn passie. Ik houd van die dieren, ze geven me rust en beoordelen je niet, ze luisteren en soms zijn ze eigenwijs.

Er was enkel een puntje. Mijn vader was altijd van het doorlopen en het doorfietsen, dat heb ik overgenomen. Ik kan nu amper normaal lopen of fietsen. Er moet altijd een tempo inzitten. In het begin had ik er geen problemen mee. Het was gewoon fijn en dan kon ik andere mensen laten zien dat ik, als meisje, toch wel snel kon lopen en fietsen. Ja daar kwam het presteren ook in naar voren.

Op een gegeven moment dacht mijn eetstoornis: ‘als ik Rianne nou eens sneller en meer laat sporten valt ze vast sneller af.’

Toen op een gegeven moment vond ik dat ik meer moest sporten, dus ik ging sneller fietsen naar school, paardrijden moest en zou elke week doorgaan en ik begon met hardlopen. Eerst omdat ik mijn astma wilde wegwerken als het ware, maar het draaide snel om in de gedachte dat ik er van zou afvallen.

Ik ging op twitter, internet en instagram fitness- en foodaccounts volgen. Die zogenaamd de beste manier zouden weten om af te vallen. Ik vond allemaal van die perfecte lichamen van vrouwen. Strakke buiken, slanke benen, mooi gezichten, sterke armen, etc. Ik wilde dat. Ik moest en zou minder eten en meer sporten.

Het sporten werd erger. Als ik niet naar school hoefde moest ik perse een rondje op hoog tempo fietsen, zelfs met slecht weer. Mij maakte het weer niks uit, ik moest bewegen. Na het eten, wat misschien te veel was, just dance spelen totdat mijn lichaam trilde, ik hard ademde en mijn hart tekeerging. Als ik alleen thuis was moest ik hardlopen. Ik werd gek van mezelf. Al die verplichtingen, maar als je zo in je eetstoornis zit merk je dat niet. En elk weekend moest ik de 2 ochtenden rond 7 uur opstaan en gaan hardlopen, voor het ontbijt. GEEN TOPIDEE.

Pas na de eerste opname in Smilde en in het midden van de behandeling bij Human Concern veranderde het bewegen.

En nu? Het is totaal veranderd. Gewoon raar, maar ik ben TROTS op mezelf.

IMG_0344.JPG

Toen ik op de helft van de eerste behandeling bij Human Concern zat mocht ik op een gegeven moment niet meer fietsen en überhaupt sporten. Eigenlijk alleen maar een kwartiertje lopen per dag.

In de kliniek in Groningen mocht ik steeds meer bewegen toen ik aankwam. Toen gebruikte ik het nog wel om eens hard te lopen, maar nu? Nu helemaal niet. Ik wandel, ik fiets, ik dans, ik ga naar de sportschool, ik rijd paard en ik geniet ervan! Geen eetstoornis meer die zegt dat ik moet compenseren.

Ik heb geen behoefte om elke dag te fietsen, te lopen of te sporten. Als het slecht weer is? Oké dan ga ik niet naar buiten. Ik kan echt wel een hele dag binnen zitten en het maakt me niets uit.

Een keer in de week niet sporten? Geen probleem, komt wel weer.

Als ik maar wel goed voor mezelf blijf zorgen mag ik sporten. Dat wil zeggen: eet bij. En ja, dat doe ik sinds de kliniek in Groningen. Elke keer als ik sport eet ik bij. Ik varieer. Eerst vond ik het super lastig, want ik had de angst dat ik mega veel zou aankomen, maar ik heb gemerkt dat ‘t echt NIKS met me doet. Bij jou dus ook niet! Geloof me.

Ik volg geen fitnessaccounts meer o.i.d., ik volg enkel nog inspirerende mensen die tegen de eetstoornis, het diëten en obsessief sporten zijn. Maar ik luister vooral naar mezelf en probeer te doen wat goed voor mij is. Het gaat met vallen en opstaan. Maar ik weet wel dat de eetstoornis dit mij niet meer kan aansmeren.

Als je het verschil meemaakt weet je waar je voor gaat en zult kiezen. Het komt vanzelf op je pad, maar alleen jij kan je pad vormen en veranderen.

 

Stay strong and keep fighting

 

Rianne

 

 

Mijn bewuste keuze voor een kliniek deel 1

In deze blogposts ( er komen hierna nog 2 van deze serie )neem ik jullie mee in de periode waarin het zo slecht met me ging, dat ik de keuze maakte om me aan te melden voor een kliniek. Ook vertel ik daarbij wat de kliniek me heeft gebracht en hoe de tijd daar is geweest. Let op: de volgende post bevat schokkende foto’s. Ze zijn van mij in een periode dat het echt héél erg slecht met me ging. Ik geef je de mogelijkheid om weg te klikken als je desbetreffende foto’s als een trigger beschouwt. Hier zijn ze niet voor bedoeld, ik wil ze plaatsen omdat er op de foto’s goed te zien is hoe ongelukkig ik was en omdat de realiteit niet altijd leuk is.

In de zomervakantie van 2016 ging ik met mijn ouders twee weken op vakantie naar Bretagne in Frankrijk. Voor mij was dit dé grote escape: ik was twee weken even helemaal los van thuis, had twee weken daardoor geen therapie en zou in een hele andere omgeving zijn. Dat was heel dubbel, aan de ene kant jaagde het me ontzettend veel angst aan. Maar aan de andere kant was ik ervan overtuigd dat alles wel weer als vorige vakanties zou voelen. Dat ik gewoon zou kunnen eten en dat we gewoon actief zouden kunnen zijn. Natuurlijk was dit ontzettend naïef gedacht, mijn ouders en therapeuten waren ook veel praktischer ingesteld en zij hadden al lang in hun hoofd dat deze vakantie juist heel anders zou worden en dat we ons zouden aanpassen aan mijn lichaam en geest. Ik had verwacht dat ik bij het instappen in de auto om richting Frankrijk te gaan, wel even mijn eetstoornis zou achterlaten. Dat ik even twee weken een break kon nemen, m’n anorexia kon uitzwaaien en vol kon genieten. Als ik nu eraan terug denk vind ik het ontzettend naïef van mezelf, tuurlijk zou mijn eetstoornis gewoon meegaan. Maar tegelijkertijd begrijp ik het ook wel, mijn geest werkte sowieso niet goed door mijn lage gewicht, en ik had het zo ontzettend zwaar gehad de afgelopen maanden dat ik al m’n zinnen op de vakantie had gezet.

( LET OP: de foto’s hieronder kan je als een trigger ervaren, kan je hier niet tegen klik dan nu weg. )

14063932_921781791284001_3117316536402396284_n (1)

Zoals je natuurlijk al verwachtte ging het totaal niet goed. Al op de heenreis werd ik meerdere malen keihard geconfronteerd met m’n eetstoornis, en toen we aankwamen waren alle eetgelegenheden doodeng en kon ik in de supermarkt wel door de grond zakken. Ik was zó bang, ik checkte als een gek alle etiketten en zocht steun bij mijn eetstoornis. Alle croissants, Franse baksels en de bekende stokbroden had ik van te voren al helemaal in m’n hoofd gehad, dat zou nu vast wel lukken. Nou niet dus, en als het wel lukte moest er weer wat anders af. Het compenseren nam extreem toe en de bewegingsdrang was enorm. Mijn energielevel was echt 0,0. Wandelen kon alleen met kleine stukjes en wanneer we naar de zee gingen kon ik niet eens zwemmen doordat we bang waren dat ik onderkoeld zou raken of in het ergste geval: een hartstilstand.

Op een middag gebeurde er iets bizars, ik was al een tijdje aan het lezen in het boek van Marit Brugman: Friet in de Kliniek, ik herkende zoveel in haar en haar eetstoornis van mezelf dat ik heel erg aan mezelf begon te twijfelen. Red ik het zo wel zelf? En hoe lang zal het duren? Natuurlijk heb ik hulp maar zal ik alleen wel durven aankomen? Zo kan ik echt niet langer doorgaan, ik wil ook een toekomst hebben… Alle gedachten maalden door mijn hoofd en uiteindelijk heb ik het voorzichtig bespreekbaar gemaakt bij m’n ouders. Ik wist niet goed of ik het durfde, maar iets fluisterde me in ( nu kijk ik er op terug en ben ik ervan overtuigd dat dat het kleine stukje gezonde stem die er nog was is geweest ) ‘Kom op An, als je dit doet heb je een kans om weer te leven!’. En die stem, die had gelijk. Ik wist dat wanneer ik dit niet deed, ik misschien wel doodging. Ik roerde het onderwerp aan bij mijn ouders en nog dezelfde week ( helemaal vanuit Frankrijk ) zijn we gaan bellen met mijn therapeute van Human Concern en is de procedure al in werking gezet. Het ging zo snel, maar ik wist ook dat als ik dit nu niet rond zou krijgen, ik zou gaan twijfelen en dan nam mijn anorexia het weer over.

18157708_1151588644969980_2522581172145705828_n

Het was een hele zware vakantie en ik heb het zo moeilijk gehad, maar tegelijkertijd ben ik zó blij dat deze vakantie er is geweest. Als ik niet daar keihard tegen mijn eigen eetstoornis muur aan was gelopen, had ik de keuze voor de kliniek nooit gemaakt. Dus dankjewel eetstoornis, je hebt daar zojuist je eigen graf voor een deel gegraven, en dankjewel Marit voor je wijze woorden en je humoristische zelfspot over je ES, maar vooral bedankt pap en mam, die me zo keihard hebben gesteund die vakantie en me letterlijk er doorheen hebben getrokken met zoveel liefde.

18157459_1151620048300173_4039740875670660293_n

Twijfel jij over de keuze of een kliniek goed voor jou zou zijn? Ga dan na waar je vraagteken ligt, sowieso is het vraagteken je eetstoornis die je graag in haar/zijn kleine wereldje wil houden. Het wereldje waar je nog lekker je eigen gang kan gaan, waar je heimelijkheden kunt vertonen en zal afvallen. Maar tegelijkertijd is dat wereldje ook het wereldje waar je telkens ongelukkiger in word, een wereld waar geen toekomst is en waar de uitkomst vrijwel altijd het ziekenhuis of de dood zal zijn… De kliniek is echt een grote stap: je krijgt een eetlijst die je móet volgen, je gaat elke week op de weegschaal waarbij je een aankom-eis hebt, je hebt beperkte beweging, er word goed op je gelet en je eetstoornis word keihard aangepakt. Dit klinkt dóódeng, en het is ook doodeng, maar de enige manier om te zien dat het je daarna zoveel gelukkiger gaat maken is door er doorheen te gaan. Je leert weer te eten, je leert te praten, maar je leert vooral ook weer om te vóelen. In de volgende blogs die ik schrijf over de kliniek vertel ik van mijn tijd daar en over wat de kliniek me allemaal heeft gebracht. Wil jij meer informatie, heb je een vraag over de kliniek of wil je iemand om je verhaal tegen te vertellen? Dan mag je altijd contact met mij of een van de anderen opnemen.

Maak de keuze altijd voor jezelf, want door zelf bewust de keuze te maken zal je helpen om er doorheen te gaan. Want zoals Marit in haar boek zei: ‘De kliniek was nooit leuk of makkelijk, en ik wil er nooit meer naar toe. Maar het is heel goed dat het er is geweest.’

Anne Dore

Even voorstellen: Eva

Hallo!! Mijn naam is Eva, ik ben 19 jaartjes jong en woon in een klein dorpje in Drenthe. Hier woon ik op een woongroep en werk ik toe naar zelfstandigheid.

Ik heb een oudere zus die nog thuis woont maar binnenkort naar Utrecht verhuisd, en een jonger broertje die dit jaar examen doet voor zijn VMBO en daarna een technische opleiding in Emmen gaat doen (om te zeggen dat ik een trotse zus ben is een understatement 😉 ) Mijn ouders zijn nog bij elkaar en wonen in Emmen, al is mijn vader door de weeks in België te vinden voor zijn werk.

Op dit moment studeer ik de VAVO in Groningen, en ik plan om na mijn examen dit jaar naar Zwolle te verhuizen. Mijn hobby’s zijn: praktisch alles wat met theater te maken heeft, muziek, lezen, wandelen en leren.

Ik heb de eetstoornis Boulimia Nervosa, en een Borderline Stoornis. Best wel een boel heavy gedoe dus, maar ik sla mij daar krachtig doorheen! Beide diagnoses zijn vastgesteld toen ik 15 was, en sinds dien volg ik naast de hulp die ik vanuit de groep krijg een behandeling bij Accare in Smilde en in Emmen.

Ik hoop dat ik jullie door middel van deze website kan motiveren, informeren en amuseren (goh wat heb ik dat toch weer pedagogisch verantwoord opgeschreven). Maar ik heb vooral heel erg veel zin op dit nieuwe avontuur te gaan starten!

Als je nog vragen hebt stel ze gerust, there’s no such thing as a stupid question

 

Groetjes Eva.

 

Even voorstellen: Anne Dore

Hoi lieve lezer,

Wat super leuk dat je kijkt op onze website!

Even voorstellen: Ik ben Anne Dore van Dijk. Ik ben 19 jaar en probeer positief en avontuurlijk in het leven te staan. Al vanaf kleins af aan schreef ik, van fan-fictie tot gedichtjes en van korte romans tot liedjes. Het was altijd een grote drijfveer voor me en ik haalde er veel positieve energie uit. En natuurlijk was de uitspraak: ‘schrijf het van je af!’ ook zeker bij mij van toepassing. Elke keer deed ik weer een poging om te beginnen aan een boek. Ideeën genoeg en vol goeie moed ging ik aan de slag. Maar opgegeven moment bleef ik weer haken en trokken andere dingen mijn interesse. Oh, mode en creatief bezig zijn is eigenlijk ook wel heel leuk! En piano spelen en zingen zijn toch ook wel echt mijn ding! En toen kwam de donderslag: sport. Ik raakte compleet geobsedeerd en belandde zo’n drie uur per dag in de sportschool. Hoe strakker mijn lichaam werd, hoe langer ik in de sportschool bleef hangen. Na het halen van de havo stortte mijn wereld in. Ik had altijd keihard geknokt voor school en nu hoefde ik opeens even niks? Ik had al m’n zinnen gezet op een vervolgopleiding en was er vanuit gegaan dat ik daar gewoon mee zou beginnen en dat ik het studentenleven in zou rollen. Maar in de zomervakantie ging mijn sport ‘obsessie’ dus mis. Ik raakte nu niet alleen besmet met het sport-virus, maar begon ook mijn eetgedrag nog meer in te perken. Van orthorexia ging ik over in anorexia. Ik at altijd al wel gezond, maar een chocolaatje of een taartje ging er ook zeker in. Kcal tellen? Gaatje in je hoofd zeker, daar deed ik echt niet aan. Druk maakte ik me er niet om, ik was nooit echt dun geweest maar dik was ook zeker niet aan de orde. Maar in de zomer gooide ik het roer om: in plaats van leren en sporten ging mijn leven nu draaien om werken, sporten en koolhydraten vermijden. Wat resulteerde in een energieloos lichaam en aan het eind van de vakantie was ik compleet gesloopt. Ik begon aan mijn opleiding en merkte meteen dat het niet ging, ik was energieloos, kon me niet concentreren en het ergste was: ik kon alleen maar aan eten denken. Nu denk je: dat is niet zo erg, toch? Ik denk ook best vaak aan eten, een lekker bord pasta of een boterham met kaas, daar heeft iedereen wel eens zin in. Maar dit was anders, ik ging denken aan hoeveel er wel niet in die boterham zou zitten, kon ik nog wel een broodje eten als ik niet meer zoveel naar de sportschool ging? Vrij snel klapte ik dicht en besloot ik te stoppen met mijn opleiding. Een tussenjaar om aan mezelf te werken noem ik het. De eerste maanden vermeed ik vooral veel contact en werd de eetstoornis steeds groter. Wanneer ik dan ook wel in de bewoonde wereld kwam, of mensen zagen me op werk hoorde ik al vaak: ‘Wat is er met jou gebeurt! Wat ben je máger!’ stomme reacties vond ik het. Dom ook, zo mager was ik niet en ik voelde me er toch goed bij?  Dat het ooit zo ver zou komen had ik nooit gedacht, dat ik me zo ellendig zou voelen had ik ook nooit verwacht. Alles waar ik interesse in had viel weg: mode, schrijven, muziek, hardlopen, sport, lieve vrienden en familie om me heen: het gaf me niet meer de geluk die het me altijd gaf. Het lijnen beheerde mijn leven compleet. Gelukkig (met veel hulp en liefde van m’n omgeving ) ben ik naar de huisarts gegaan, na een aantal maanden kon ik terecht bij Human Concern in Zwolle, daar ging ik in therapie, maar na een halfjaar kon ik niet meer. Ik was helemaal kapot en ik durfde niet meer te eten, in de vakantie was het de druppel en ik besloot zelf om me in te schrijven voor een eetstoorniskliniek. Daar kwam ik in oktober, bij het PsyQ in Groningen. Ik heb daar geleerd om weer te éten, echt te éten en aan te komen. Na mijn tijd in PsyQ ging ik terug naar Human concern in Zwolle, waar ik nu weer therapie volg bij een geweldige therapeut en diëtiste. Ik ben keihard in gevecht met mijn eetstoornis en zit op dit moment in een proces om weer aan te komen tot een gezond gewicht. In september wil ik weer beginnen met een hbo-studie: Social Work, in Zwolle. Op dit moment werk ik bij een peuterspeelzaal en pak mijn hobby’s en sport weer op een gezonde manier op. Ik ben er nog lang niet, maar ik merk dat ik al enorme stappen in mijn weg naar herstel heb gezet. Het leven zonder eetstoornis beangstigd me, maar het is me zóveel meer waard dan de rest van mijn leven me energieloos, geobsedeerd door voeding en beweging en me ongelukkig te voelen. Mag ik samen met jou de strijd aangaan tegen onze eetstoornis?

‘Recovery may seem scary, gaining weight may seem scary, increasing may seem scary, fear foods may seem scary. But isn’t it so much scarier to think you could spend your whole life trapped like this?’

Anne Dore

Even voorstellen: Rianne

ikIk zal me even voorstellen.

Ik ben Rianne, ik ben 19 jaar oud en word in oktober alweer 20! Tijd gaat snel.

Ik woon in noordoost Nederland, lekker in een uithoekje. Mijn ouders zijn gescheiden en ik woon samen met mijn iets jongere zusje om de week bij één van hen. We hebben 2 katten Nala en Minho en een hondje, Prince. De scheiding heeft me niet echt goed gedaan. Ik heb het maar weggepropt en ben verder gegaan met mijn leven. Ik maakte het altijd maar goed door te zeggen dat het beter is dat mijn ouders uit elkaar zijn gegaan, maar elke keer als er wat verder op wordt ingegaan of er gebeurt iets thuis raakt het me nog steeds.

Ik voel me ook niet veilig thuis. Waarom? Onder andere door de scheiding, maar ook door mijn verleden op de basis- en middelbare school en het op verschillende plekken wonen. Op elke plek waar ik heb gewoond en waar ik nu woont liggen gevoelige punten en dat is erg lastig. De laatste tijd is dat lastiger, want ik word er echt bang van. Ik heb nachtmerries over het verleden verwikkelt met het heden en, als ik alleen buiten ben in het donker, krijg ik allemaal flashbacks (niet erg heftige hoor) en word ik erg angstig.

Ik heb havo in 2016 afgerond, helaas heb ik 2 jaar over havo 5 gedaan door de eetstoornis. Dit was de lastigste keuze in mijn hele leven. Ik moest kiezen voor mezelf en dat wilde ik niet. Ik wilde presteren, mezelf wegcijferen, afleiding hebben en anderen (eigenlijk grootendeels mezelf) bewijzen dat ik wat kon. Nu heb ik een tussenjaar, en ook dit is een erg lastige keuze geweest, maar ik ben er wel blij om dat ik het heb gedaan. Zo kan ik namelijk aan mezelf werken en werken naar het zelfstandig wonen.

Ik moet eerlijk zeggen dat dat goed lukt! Ik heb een kamer gevonden en ga in september starten met een studie in Nijmegen.

Mijn hobby’s zijn paardrijden, sporten (alleen nog maar gezond), koken en bakken, tekenen, lezen, schrijven, afspreken met vrienden en vriendinnen en spelen en het verzorgen met en van dieren.

Ik heb de eetstoornis Anorexia Nervosa, het restrictieve type, sinds 2010, de brugklas. Maar het is officieel geconstateerd in 2014.

Op dit moment gaat het heel goed met me qua eten en niet compenseren! Ik ben echt hard aan het vechten en het loont. Ik krijg veel complimenten, ik kan beter naar mezelf kijken EN ik kan complimenten ontvangen en ze mezelf geven.

Ik zit momenteel in behandeling bij Human Concern. Ik ben aan het werk om voor mezelf te zorgen, naar mezelf te luisteren, los te komen van mijn ouders en minder afhankelijk te zijn van mijn eetstoornis en anderen.

Mijn stemming is wat minder, maar daar ben ik hard mee bezig.

Ik wil alles aan jullie vertellen, maar ik let op mijn woorden. Ik ga niet te triggerende dingen opschrijven of vertellen.

Heb je vragen? Stel ze gerust!

Welkom op onze site en strijd samen met ons tegen die stomme eetstoornis!

Heel veel liefs

Rianne